Het bedrag dat vaak wordt genoemd (bijvoorbeeld €58.000) is namelijk geen standaardloon, maar slechts de ondergrens. De Belastingdienst kijkt ook naar de functie, verantwoordelijkheden en wat in de markt gebruikelijk is.
Daar gaat het in de praktijk regelmatig mis. Uit onderzoek blijkt dat een groot deel van de DGA’s een te laag loon opgeeft.
En met strengere controles in aantocht wordt het steeds belangrijker om dit goed te onderbouwen.
Tegelijkertijd is er vaak meer mogelijk dan gedacht. In bepaalde situaties — bijvoorbeeld bij parttime werk of tegenvallende resultaten — kan een lager gebruikelijk loon verdedigbaar zijn.
Kortom: het gebruikelijk loon is geen standaardbedrag, maar maatwerk.